• menu

    Natte teelt als belangrijke innovatie in een circulair voedselsysteem

    Flevolandse voedselondernemers doen met steun van Flevo Campus onderzoek naar een beter voedselsysteem. In aanloop naar de MeetUp-dag, op 14 april aanstaande, waarop verschillende van de soms nog lopende onderzoeken online worden besproken, presenteert Flevo Campus een serie interviews met voedselondernemers die een kennisvraag hadden. Met vandaag: Ayella Spaapen, die het onderzoek leidt naar ‘waterteelt’, oftewel de combinatie van viskweek met de teelt van groenten en kruiden op water.

    Jij bent betrokken bij het door Flevo Campus gefinancierde onderzoek naar waterteelt, ook wel ‘natte teelt’. Wat is dat precies?

    “Met waterteelt bedoelen we eigenlijk aquaponics: een slimme combinatie van viskweek en groenteteelt. We onderzoeken of die twee soorten productie in een gesloten systeem samen kunnen gaan. De wens van ondernemer Edwin Tromp, van Tromp Aquafarming in Lelystad, is om een vis te kweken die gedijt in zout water. De eerste stap in ons onderzoek is dan ook om uit te zoeken welke groenten en kruiden deze combinatie van nutriënten en zilt water tolereren. Ook AquaGrow en Algaspring uit Almere zijn betrokken.”

    Hoe werkt dat?

    “We combineren aquacultuur – viskweek – met hydroponie – groenteteelt in het water. We hopen zoveel mogelijk nutriënten van de mest van de vissen te kunnen gebruiken om de planten te voeden. Dat klinkt makkelijk en logisch, maar heeft toch nog wat voeten in de aarde – of eigenlijk, in het water, haha. Momenteel moeten er nog flink wat extra voedingsstoffen worden toegevoegd aan het systeem. En kan het water van de planten nog niet terug naar de vissen. Het liefst wil je natuurlijk een kringloop die zo ver mogelijk gesloten is.”

    Maar… hoe teel je groente in het water? Welke gewassen lenen zich hier tot nu toe goed voor? 

    “In Azië gebeurt dit al volop: rijst groeit natuurlijk goed in water, en ook quinoa kan zilte grond en zilt water goed verdragen. Daar wordt ook vaak de combinatie met viskweek gemaakt. En aangezien we in Nederland zoveel water hebben: waarom zouden we het niet proberen? Er zijn natuurlijk genoeg gewassen die juist op of onder water groeien, zoals algen en zeewier. Maar hydroponie gaat nog een stapje verder: hier hangen de wortels van een slablaadje in het water, in plaats van in de grond. Een van de grote voordelen van hydroponie is dat het een waterbesparing oplevert, tot wel 70% in vergelijking met open teelten. We zijn nu bezig met groenten en kruiden die zilt water kunnen verdragen: lamsoor, Nieuw-Zeelandse spinazie, zeekraal, zeekool, schorrekruid, ijskruid, dat soort gewassen.”

    Dat zijn nou niet direct groenten en kruiden die de consument veel zeggen.

    “Klopt, het zijn geen gebruikelijke gewassen. Daar zit volgens mij ook juist de meerwaarde in. Met dit soort bijzondere groenten en kruiden kun je juist een nichemarkt bedienen, mensen die graag nieuwe dingen proberen. Dat zijn ook mensen die bereid zijn een hogere prijs te betalen voor hun voedsel, waardoor de boer weer duurzame investeringen kan doen. En als je het combineert met viskweek, kun je mooie combinaties aanbieden: sla, algen, oesters en zalm, bijvoorbeeld.”

    En hoe vergevorderd is het onderzoek nu? Vormen de vissen en de planten al een gesloten systeem? 

    “Nee helaas, op dit moment is het systeem nog niet ‘waterdicht’ circulair. We richten ons als eerste stap alleen op het telen van de planten op het water, dus nog zonder de vissen. Wat volgens mij wel een hele belangrijke stap is geweest, is dat in dit onderzoek drie bedrijven samenwerken. Ze kunnen elkaar echt versterken. Deze bedrijven zien allemaal de meerwaarde van dit onderzoek en van samenwerken. Als we naar een meer circulaire economie toe willen, dan is die samenwerking – in plaats van pure concurrentie – essentieel.” 

    Op 14 april staat jullie onderzoek centraal in een van de Meet-Ups. Denk je inderdaad dat circulaire waterteelt bij het voedselsysteem van de toekomst hoort? 

    “Ja, ik denk zeker dat gesloten aquaponics-systemen deel uitmaken van een duurzaam voedselsysteem. Wie weet ook in combinatie met vertical farming. Het past bij de doelstellingen van een circulaire economie. Daarnaast past vis in een gezond voedingspatroon, het Voedingscentrum raadt 1x per week (vette) vis eten aan. Natuurlijk moet daarbij goed gekeken worden naar het welzijn van de vissen – en het liefst zou je die ook plantaardig voeren, om de duurzaamheid te vergroten. Ik hoop in ieder geval dat de consument hier steeds meer enthousiast over wordt!”