• menu
    Beeld summerschool 2019 @ Jaap vd Biesen
    Beeld summerschool 2019 @ Jaap vd Biesen

    Almeerse foodscapes: kaas en gerookte vis

    Een paar keer per jaar ontvangen Aeres Hogeschool en Flevo Campus een Researcher in Residence: een internationale onderzoeker die zich bezighoudt met een onderzoeksproject gerelateerd aan de stedelijke vraagstukken over voedsel. Januari 2020 is geograaf Simon Vonthron uit het Franse Montpellier op bezoek in Almere.

    Simon Vonthron, Researcher in Residence vanaf januari, doet onderzoek naar foodscapes (alle plekken waar men eten kan vinden, van supermarkt tot volkstuin) en wat de impact daarvan is op food practices (de consumptie, gebruiken en meningen over voedsel) van inwoners van stedelijke gebieden. Het idee achter zijn onderzoek is dat de bestaande omgeving een grote invloed heeft op het eetgedrag van de mensen die zich erin bevinden. 

    Zijn eerdere foodscapes onderzoek deed hij in de stedelijke omgeving van Montpellier, in het zuiden van Frankrijk. Nu verblijft Simon zes weken in Almere om onderzoek te doen, maar vooral ook om samenwerkingen tussen Aeres en zijn eigen universiteit op te zetten. ‘In tegenstelling tot de VS en Canada zijn er in Europa niet zoveel mensen bezig met dit onderwerp. Maar door de samenwerking met Aeres kunnen wij een gemeenschappelijk kader opbouwen en sterker worden in onze research.’

    Een foto van Simon Vonthron

    Simon Vonthron

    De Franse beleidsmakers

    In Montpellier en Frankrijk is zijn onderzoeksveld eigenlijk nog heel nieuw. Daar richt Food and Planning zich nog vaak exclusief op landbouw direct grenzend aan steden of de distributie aan schoolkantines. Het is ongebruikelijk voor beleidsmakers om te denken aan food practices van inwoners en hoe je planning kunt gebruiken om deze practices duurzamer en gezond te maken. ‘Dit onderzoek is een begin, maar we hopen dat beleidsmakers het belang van de zaak zullen zien en er iets mee willen gaan doen’, aldus Simon.

    In Frankrijk is er veel food insecurity, maar de planning van leefgebieden wordt vaak niet meegenomen in oplossingen. ‘Niet zo gek,’ vindt Simon, ‘want beleidsmakers hebben dan ook geen bestaand onderzoek om op terug te vallen. We hopen dat ons onderzoek deze gaten kan gaan invullen’. Over 10 jaar hoopt hij dat voedsel een belangrijkere rol speelt in planning research en dat er een sterkere internationale community is die zich bezighoudt met het onderwerp. ‘Met dit onderzoek kunnen we bijdragen aan het oplossen van sociale ongelijkheid, want voedsel speelt daar een belangrijke rol in.’

    Hoe de foodscapes in Almere verschillen van die hij in Frankrijk onderzocht, durft hij eigenlijk nog niet te zeggen. Daar kent hij de stad nog niet goed genoeg voor. Wat wel nu al opvalt is dat Almere een heel jonge stad is. Er zijn veel plaatsen waar je snacks kunt kopen, dat is is Montpellier ook, maar het lijkt hier meer nadrukkelijk aanwezig. Het valt Simon op dat hier in Almere met alleen de woensdag en zaterdag veel minder markten zijn dan in Montpellier. Montpellier is een oudere stad met een lange traditie van markten. Je vindt ze elke dag in elke wijk van de stad. Ook op de markt zelf lijkt de verhouding van marktkooplui en boeren die hun producten aanbieden heel anders. ‘In Montpellier is het meer gebalanceerd, maar in Almere zag ik slechts twee kramen die fruit en groente verkopen.’

    Simon’s eigen lunch en gerookte vis

    Simon lijkt het jammer te vinden dat hij nog niet echt de kans heeft gekregen Nederlands voedsel te proberen. Dat komt vooral omdat er niet gezamenlijk lunch wordt gegeten en er geen kantine is op de universiteit. ‘Nu kook ik thuis mijn eigen lunch, die ik meeneem. Omdat je hier eigenlijk dezelfde producten kunt vinden als in Montpelier, kook ik wat ik al ken.’ In Frankrijk is de lunch écht een belangrijk sociaal moment en deze duurt ook veel langer, die mist hij hier wel een beetje. Over de Nederlandse eetcultuur zegt hij het vooral interessant te vinden dat er overal zoveel kaas te vinden is, ‘maar wel minder diverse smaken dan in Frankrijk. Wat me ook opvalt is de grote hoeveelheid gerookte vissen op de Almeerse markt.’